Op dit moment is er een storing in onze Wise-app. Kijk op onze klantenservice pagina wat u kunt doen. 

Winnaars Literatuurprijs Schiermonnikoog zijn bekend!

Gepubliceerd op: 24 september 2020 16:36

De driekoppige jury van Literatuurprijs Schiermonnikoog werd ook dit jaar weer bedolven onder de mooiste zeer korte verhalen. Cabaretier Bert Visscher, oud-bibliothecaris Simone de Boer en burgemeester Ineke van Gent lazen alle 118 inzendingen aandachtig door en reikten zaterdag 19 september de eerste prijs (een prachtige kunst bokaal) uit aan Patricia Drecht. Zij schreef het verhaal met de titel: ‘Alleen heen‘. (zie hieronder)

De tweede prijs was voor Chantal Kuipers (haar verhaal leest u hieronder) en de derde prijs ging naar Liesbeth Breek. Voor het eerst was er ook een prijs voor jongeren. Kinderburgemeester van Schiermonnikoog Sabine Ab reikte de prijs uit aan de 8-jarige Noah Dam. Omdat het lastig was om een verhaal van een (toen) 7-jarige te vergelijken met dat van een 17-jarige is er een extra ZKV aanmoedigingsprijs toegekend. Deze ging naar Maro Vanderheyden voor zijn verhaal ‘ Afgedwaald’.

Alleen heen // Patricia Drecht

Voetje voor voetje schuifelend bereikt ze het oranje stoeltje op het dek. Als ze de reling niet had kunnen vasthouden was ze omgevallen. Van hieruit kan ze goed over het water kijken. Misschien ziet ze nog een zeehondje. Die gedachte doet haar glimlachen, ondanks de vermoeidheid. Haar handen trillen, de aders liggen als dikke wormen onder het dunne vel.

Ze heeft niet gemerkt dat haar pantykousje afgezakt is en nu om haar enkel bungelt. De anderen zien het wel. Ze zien ook dat haar jas inmiddels vele maten te groot geworden is. Het maakt haar niets meer uit. De boot stroomt vol. Wie goed naar haar kijkt ziet dat ze ooit een adembenemend mooie vrouw geweest moet zijn, onbereikbaar voor haar vele aanbidders. Iemand die circuleerde in de meest chique kringen, die champagne dronk met staatshoofden. Maar dat is lang geleden. De boot komt langzaam in beweging. Ze heeft de overtocht altijd plezierig gevonden. Al kan ze zich niet meer herinneren wanneer ze voor het laatst terug geweest is naar het eiland. Ze kan zich sowieso niet veel meer herinneren. Ze tuurt over het water en meent in de verte iets boven het water te zien komen. Gelukkig, ook nog een zeehondje gezien. Tevreden sluit ze haar ogen.

Ze doet ze pas weer open als de kapitein van de veerboot haar schouder aanraakt. Het duurt even voor ze weet waar ze is. ‘We zijn er’, zegt de kapitein, ‘u kunt aan wal, zal ik u even helpen, of gaat u heen en weer?’ Even ziet de kapitein haar ogen sprankelen en weet ook hij hoe mooi ze geweest moet zijn. Dan worden haar ogen weer dof. ‘Nee’, antwoordt ze zacht, ‘ik ga alleen heen.’

Einde // Chantal Kuipers

Het was druk op Schiermonnikoog. In de zomer kon je je nauwelijks voorstellen dat het eiland ook verlaten kon zijn, iets waar ze zich altijd weer op verheugde, maar nu was het topdrukte.

Suze ademde diep in. Daarom was ze zo gelukkig op dit eiland. De kinderen die met schepjes en emmertjes langs haar stoven op weg naar de zee. De toeristen die haar aan de kant drukten alsof zij hier woonden en Suze te gast was. Ze liep richting het strand. In de verte zag ze de buurman met zijn hond lopen. Hij gooide een bal en het beest dartelde om hem heen als een lammetje in de wei. Hoe kon het dat de wereld gewoon doordraaide? Dat de bomen steeds nieuwe knoppen kregen en dat er kinderen werden geboren. Voor de buitenwereld was er niets veranderd maar voor haar was alles in een vingerknip weggevaagd.

Ze liep naar Hotel van der Werff. Ze wurmde zich door de mensenmassa heen en ging op het enige lege plekje zitten en ondanks dat de zon scheen had ze het koud. De ober kwam naar haar toe. Op zijn dienblad had hij wijn staan, en zonder wat te zeggen gaf hij het aan haar. Dat was het voordeel van wonen op het eiland. Ze hoefde niet te praten, mensen wisten alles al. “Het spijt me.” Hij zei de woorden en liep zonder haar antwoord af te wachten weg. Ze knikte ten teken dat ze het waardeerde. Niemand had haar verteld hoe het zou zijn, als je nog maar een seizoen te leven had. Maar nu hoefde het niet meer. Zij wist het al, toen de dokter haar vertelde dat de uitslag van het onderzoek niet goed was. En ze miste nu al de winter die voor haar te ver weg zou zijn.